Je collega die vorig jaar de overstap maakte naar zzp'en, praat er nog steeds vol trots over. Eigen baas, eigen tarief, eindelijk grip op je agenda. Maar wie in 2026 dezelfde stap overweegt, komt bedrogen uit als hij verwacht dat het geld vanzelf binnenstroomt. De cijfers van het CBS laten al zes kwartalen op rij een daling zien in het aantal zelfstandigen zonder personeel, en de tarieven groeien nauwelijks harder dan de inflatie. De gouden jaren van het freelancebestaan lijken voorbij.
De tarieven stijgen, maar amper
Waar zzp-tarieven in 2024 nog met gemiddeld 3,6 procent stegen, verwachten brancheorganisaties voor 2026 een groei van ongeveer 1 procent. Dat is minder dan de cao-lonen in loondienst erbij krijgen. Het gemiddelde uurtarief ligt rond de 83 euro, een paar euro meer dan een jaar eerder, maar het verschil met een vast salaris wordt kleiner in plaats van groter. Wie ooit voor zichzelf begon om meer te verdienen dan zijn collega's in loondienst, ziet die marge nu wegsmelten.
Het aanbod van opdrachten groeit bovendien minder hard dan het aantal zelfstandigen dat om werk concurreert. Waar drie jaar geleden nog 87 procent van de zzp'ers aangaf veel vraag naar hun diensten te ervaren, is dat nu gezakt naar 82 procent. Kleine daling, maar wel een die aangeeft dat de onderhandelingspositie van de zelfstandige verschuift richting de opdrachtgever.
Waarom minder mensen ervoor kiezen
Het CBS telt inmiddels 131.000 zelfstandigen minder dan eind 2024. Een deel daarvan komt door strenger toezicht op schijnzelfstandigheid: bedrijven durven freelancers niet meer op dezelfde manier in te huren als vaste medewerkers, uit angst voor naheffingen. Een ander deel kiest bewust terug voor loondienst, juist omdat pensioenopbouw, arbeidsongeschiktheidsverzekering en zekerheid weer zwaarder wegen dan vrijheid alleen. Wil je weten hoe je in loondienst het maximale uit je salaris haalt? lees dan ons artikel over slim onderhandelen.
Dat gebeurt niet toevallig in dezelfde periode dat de arbeidsmarkt zelf verandert. De nieuwe loonwet die eraan komt maakt werkgevers voorzichtiger met flexibele constructies, en dat raakt precies de zzp'er die op projectbasis werkt.
De sectoren waar het verschil groot is
Niet elke branche voelt de afkoeling even hard. In de zorg vraagt een verpleegkundige nog altijd 62 euro per uur en loopt dat bij gespecialiseerde functies flink op, terwijl een zorgmedewerker rond de 46 euro zit. In de creatieve en digitale hoek liggen de tarieven lager dan drie jaar geleden: een videomaker rekent gemiddeld 66 euro per uur, een webontwikkelaar 73 euro. Precies de sectoren die drie jaar geleden nog overspannen waren, merken nu als eerste dat opdrachtgevers zich terughoudender opstellen.
Wie overweegt te starten, doet er goed aan eerst te kijken naar de concurrentiedruk in zijn eigen vakgebied, in plaats van te varen op verhalen van vrienden die drie jaar geleden begonnen. Wat toen een gouden zet was, is nu een stuk minder vanzelfsprekend.
Wat je zelf kunt checken voordat je de sprong waagt
Een paar dingen die het verschil maken tussen een freelancebestaan dat werkt en een dat je stress kost:
- Vraag bij minstens drie potentiële opdrachtgevers naar hun huidige budget per uur, niet naar wat "gebruikelijk" is in je vakgebied
- Reken je uurtarief uit op basis van 1200 tot 1400 factureerbare uren per jaar, niet op 2000, want administratie, acquisitie en verlof tellen niet mee
- Bouw drie tot zes maanden aan buffer op voordat je je vaste contract opzegt
- Kijk of je vakgebied de afgelopen twaalf maanden krapper of ruimer is geworden, niet hoe het er drie jaar geleden voorstond
Ondernemers die personeel aannemen in plaats van zelf zzp'er te worden, lopen tegen vergelijkbare knelpunten aan. In dit artikel lees je hoe je als werkgever de juiste mensen vindt, wat ook een goed beeld geeft van hoe opdrachtgevers momenteel naar de arbeidsmarkt kijken.
Dit is waarom je het nu goed moet uitrekenen
Freelancen blijft voor veel mannen een aantrekkelijk idee: geen baas, eigen uren, en het gevoel dat je harder werkt voor jezelf in plaats van voor een ander. Maar 2026 is niet het jaar om op onderbuikgevoel de overstap te maken. De cijfers van het CBS laten zien dat de markt kantelt, en dat betekent dat je huiswerk nu zwaarder telt dan het enthousiasme van je collega die twee jaar geleden de sprong waagde. Reken je eigen tarief uit, check de vraag in je specifieke vakgebied, en wacht met opzeggen tot de cijfers je gelijk geven in plaats van je onderbuik.