Als je als zzp'er nog nooit serieus naar pensioen hebt gekeken, ben je niet de enige. Geen werkgever die inlegt, geen collectieve regeling, en de meeste zzp'ers stellen het gewoon uit tot het te laat voelt om nog te beginnen. Maar sinds de nieuwe pensioenwet is de fiscale ruimte om zelf pensioen op te bouwen flink gegroeid, en dat verandert de rekensom voor iedereen die voor zichzelf werkt.
Wat er precies is veranderd
Vroeger mocht je als zzp'er maximaal 13,3 procent van je pensioengevend inkomen fiscaal aftrekbaar inleggen voor je pensioen. Dat percentage is verhoogd naar 30 procent, met een maximum van 35.589 euro per jaar. Concreet betekent dit dat je van elke euro die je in een lijfrente of pensioenrekening stopt, tot dat plafond belasting terugkrijgt via de inkomstenbelasting. Voor een zzp'er die 60.000 euro winst maakt, gaat de jaarruimte daarmee van ongeveer 8.000 euro naar bijna 18.000 euro.
Ook gemiste jaren tellen nu mee
Wie de afgelopen jaren weinig of niets heeft ingelegd, hoeft niet bij nul te beginnen. De reserveringsruimte, waarmee je gemiste pensioeninleg met terugwerkende kracht mag inhalen, is verlengd van zeven naar tien jaar terug, met een maximum van 42.753 euro. Heb je bijvoorbeeld drie jaar lang geen pensioen opgebouwd terwijl je wel winst maakte, dan kun je dat nu in één keer rechttrekken en in één klap een flinke belastingteruggave binnenhalen. Dat maakt dit jaar een logisch moment om je jaarruimte en reserveringsruimte samen door te rekenen, in plaats van elk jaar een klein beetje in te leggen.
De inkomensgrens is ook opgeschoven
Naast de percentages is ook het inkomen waarover je pensioen mag opbouwen verhoogd, naar 128.810 euro. Voor de meeste zzp'ers in dit land maakt dat weinig verschil, maar voor wie boven modaal verdient, betekent het dat een groter deel van de winst fiscaal voordelig weggezet kan worden in plaats van belast te worden tegen het toptarief. Dat is precies het soort verschil dat meetelt als je, net als in ons artikel over waarom zzp'en in 2026 minder oplevert, toch al kritisch naar je netto-inkomen kijkt.
Waar je dit praktisch regelt
De meeste zzp'ers bouwen dit op via een lijfrente bij een bank of verzekeraar, of via een banksparen-variant met een lager risico dan beleggen. Belangrijk is dat je de inleg vóór 31 december van het lopende jaar doet om hem nog mee te tellen voor de belastingaangifte over dat jaar. Reken je jaarruimte na via de rekentool van de Belastingdienst of je boekhoudpakket, en zet niet blind het maximale bedrag opzij: houd altijd een buffer aan voor je lopende bedrijfsvoering, want geld dat vastzit in een lijfrente kun je niet zomaar terughalen als een opdracht wegvalt.
Overweeg je om helemaal te stoppen met zzp'en en voor een baas te gaan werken, of juist andersom, dan is dit ook het moment om die knoop door te hakken voordat je verder inlegt. Twijfel je nog serieus over die stap, kijk dan ook naar onze checklist voor wie eigen baas wil worden, want pensioen opbouwen als zzp'er en pensioen opbouwen in loondienst zijn twee compleet verschillende trajecten.
Dit is het moment om je jaarruimte te checken
Je hoeft niet meteen 18.000 euro opzij te zetten om hiervan te profiteren. Al een paar duizend euro extra inleggen dit jaar levert direct belastingvoordeel op, en de verruimde reserveringsruimte betekent dat je gemiste jaren niet voor altijd kwijt zijn. Zet een uur in je agenda om je jaarruimte uit te rekenen voordat het jaar voorbij is. Het is een van de weinige plekken in de belastingaangifte waar uitstel je letterlijk geld kost.